Jaarboek Schiphol PLuS

Schiphol is een soort mini-maatschappij; mensen komen en gaan. Ze willen reizen, werken, eten en winkelen. Om die maatschappij draaiend, veilig en up-to-date te houden, moet er nogal wat gebeuren in een jaar tijd. Het Projectbureau Luchthaven Schiphol (PLuS) voert heel afwisselende projecten uit. Denk bijvoorbeeld aan de aanleg van een tijdelijke terminal, onderhoud van elektra, een upgrade van de pieren of de bouw van een mortuarium. Is het ene project een innovatieve hoogvlieger, een ander is een technisch hoogstandje. Voor elk wat wils. BureauTekst mocht 29 projecten uitlichten in het Jaarboek Schiphol PLuS.

Boek voor op de koffietafel

Met het jaarboek is een traditie die een paar jaar stil was komen te liggen, weer nieuw leven ingeblazen. Benieuwd naar alle PLuS projecten? Dat snappen wij. Maar het jaarboek inzien, kan helaas niet. Het is een boek voor intern gebruik, een decembercadeau voor de medewerkers. Niet alle in 2017 uitgevoerde projecten komen aan bod, maar ook deze selectie zal menig koffietafel tijdens de feestdagen hebben opgeleukt.

Hoog- en laagvliegers

‘Hier is een lijst met 31 projecten en bijbehorende projectleiders. Over 3 weken moeten de teksten naar de drukker’. Dit was, vrij accuraat geschetst, de start van project ‘Jaarboek schrijven’. De grootste uitdaging zat vervolgens in het bereiken van alle projectleiders. Maar het fascinerende kijkje achter de Schiphol-schermen maakte de tijdsdruk meer dan goed. In rap tempo werden we bekend met wat Schipholjargon: Zo wordt er gesproken over ‘Landside’ en ‘Airside’, waar we in eerste instantie ‘Airsight’ schreven.

Het project uit dit jaarboek dat qua fascinatiegehalte vooroploopt, was het verhaal over het nieuwe mortuarium:

Herhuisvesting mortuarium

Een mortuarium op Schiphol? Jazeker. Het is wellicht niet een van de eerste gebouwen waaraan je denkt bij de luchthaven, maar het is er een met een groot menselijk belang. Aangezien het vorige mortuarium verdwijnt in het kader van het Capital Programme, moest er een nieuw pand komen.

De ruimte daarvoor werd na een lange zoektocht – niet iedereen wil een mortuarium naast de deur – gevonden naast het CitizenM hotel. Het gaat om een tijdelijk en demonteerbaar gebouw. Maar wel iets goeds, geen units die de functie van het pand teniet doen. Het werd een Cradle to Cradle (C2C) pand. De gebruikte materialen kan Schiphol later opnieuw gebruiken. Deze aanpak past in de zer0waste-ambitie per 2030.

Status

 Op 18 november werd het mortuarium in gebruik genomen. De ruimtes zijn niet wezenlijk anders dan bij een regulier mortuarium, al is hier ruimte voor rituele bewassing. Een belangrijk aspect, want de meeste overledenen in het mortuarium zijn moslims die terugvliegen naar hun land van herkomst om daar begraven te worden.

Een ander nieuw aspect is de transitruimte. Tot nu toe kwamen overledenen nog regelmatig in de hoek van een vrachtloods terecht, omdat niet iedereen de diensten van het mortuarium afneemt. Een gevoelig punt omdat het weinig respect uitstraalt naar de overledene, naar de familie die moet komen kijken en naar de mensen die aan het werk zijn in de loods. Nu kunnen deze overledenen terecht in de transitruimte van het mortuarium.

Toekomst

Met het nieuwe mortuarium wordt een mooie bijdrage geleverd aan de zer0waste-ambitie. Zoveel mogelijk materialen zijn C2C-gecertificeerd, dus zonder giftige of kankerverwekkende stoffen en herbruikbaar. De lucht wordt van fijnstof gezuiverd door toepassing van ENS-technologie en speciaal tapijt. De verf neemt CO2 op en het energiezuinige pand wordt voorzien van elektriciteit door PV-panelen.

Zo’n nieuwe aanpak was hier en daar nog experimenteel. Maar door goed na te denken over het energieverbruik, gezonde bouwmaterialen en natuurlijke aspecten, werd duidelijk dat voor iedereen respect op de eerste plaats stond. Respect voor de functie van het pand en voor het pand zelf.

Martijn Horsman: “Dit is het pareltje onder de projecten, heel bijzonder om aan te werken. Het Cradle to Cradle aspect heeft me geraakt en ik heb dit met veel overtuiging neergezet. Ook de functie van het pand is bijzonder. Dit was werken vanuit allerlei soorten respect. Respect voor andere overtuigingen, voor overleden mensen, voor nabestaanden, voor werknemers in het mortuarium, voor de gebruikte materialen en voor de natuur. Een gebouw zoals een mortuarium moet bij iedereen passen. Wij wilden een vrije plek neerzetten.”

Wat een fascinerend project; Een plek die draait om eeuwige rust en respect te midden van grote hectiek.

Een kiek en een kaft

Na het spreken van alle projectleiders, hadden we geen opfriscursus Excel meer nodig. Het bijhouden van lijsten en schema’s was essentieel. Wie hebben we gesproken? Is het verhaal al geschreven, is er feedback? En zonder kaft en kiek geen kek boek natuurlijk. Dus kwam er ook een Excel lijst voor het beeldmateriaal.

Om van het eindresultaat een mooi geheel te maken, schreven we een voorwoord aan de hand van een gesprek met Siebolt Bennema, directeur PLuS. Volgens hem laten de projecten in het jaarboek goed zien waaraan gewerkt wordt en wat de realisatiekracht van PLuS is. Bennema: ‘Een wijde diversiteit aan bouwkundig, civiel en installatietechnisch werk. En steeds weer oplossingen voor ingewikkelde puzzels.’

Het was mooi om een deel van deze de Schipholpuzzels te mogen beschrijven in het jaarboek!